ARNHEM SPOOKSTAD
Hoofdstuk 15
Belaagd door vriend en vijand
Na de Slag om Arnhem is het nauwelijks meer rustig geweest
boven bezet Nederland. Geallieerde jachtvliegtuigen schoten op
alles wat bewoog. Wegtransporten en goederentreinen waren het
doelwit, maar ook de witte vlag van evacuees bood lang niet
altijd veiligheid. Bombardementen op strategische objecten,
vooral bedoeld om de bevoorrading van de Duitse troepen in het
Westen te blokkeren, eisten honderden mensenlevens. Vooral de
IJsselbruggen werden belaagd, maar zelden troffen de bommen
doel. Veel vaker werden burgers het slachtoffer; onder de 61
Deventernaren die op 6
februari 1945 om het leven kwamen waren
22 bewoners van het Gasthuis. In Doetinchem vielen midden maart
bommen op het noodziekenhuis.
Van hun kant zetten de Duitsers hun terreurregiem voort. Elk incident kon problemen veroorzaken.
Er werd een mannenjacht ontketend voor de Arbeitseinsatz of voor graafwerk aan verdedigingswerken tegen de laatste slag, die steeds onvermijdelijker leek. De mannen doken massaal onder
maar konden zich meestal niet de hele dag verborgen houden, en
overal waren 'fuiken' opgezet om ze alsnog te pakken te krijgen. Het westen van het land ging een hongerwinter tegemoet,
die bovendien bijzonder koud werd. 'Hongertochten' kwamen op
gang, maar wie zich over de IJssel waagde raakte op de terugweg
meestal bijna alles kwijt, en anders waren er elders in het
land nog genoeg controleposten.
< Een achttienjarige bewoner van de Paasberg werd beschuldigd van een fiets die door de Duitsers die in beslag genomen was. Hij werd afgetuigd en en ontsnapte mogelijk aan executie ter plaatse door ingrijpen van een Duitse officier.(Tekening Leo Brameijer)
De Arnhemse volksverhuizing duurde voort, van hot naar haar; op bevel, na ruzie of voor
de honger; op weg naar het tweede, het derde of wellicht al het tiende adres, waar
vernederingen of open armen wachtten. De vluchtelingenstroom werd aangevuld met
slachtoffers van drama's die zich elders afspeelden, zoals het bombardement op het
Haagse Bezuidenhout,
waarbij 511 mensen om het leven kwamen en 10.000 woningen onbruikbaar raakten. En aan de hemel
verschenen geheimzinnige raketten; V-wapens,
op weg naar Londen om de Britse hoofdstad in de as te leggen - was dat het 'geheime wapen' waarmee Hitler alsnog de oorlog zou winnen?
Witte was aan de lijn
Kort na de Slag kreeg Jan Speelziek in Ede inkwartiering van
Duitse soldaten. ,,Hun verbindingsauto met antennes werd geparkeerd in de boomgaard. Wat ons de meeste zorg baarde was hun
buitgemaakte jeep, waarmee ze dankzij de vierwielaandrijving
vanuit alle kanten over de akkers naar ons huis reden en maar
al te duidelijke sporen achterlieten. Dat kon niet onopgemerkt
blijven voor al die jachtbommenwerpers die dagelijks in de
lucht waren. Mijn moeder zorgde er daarom voor constant een
hoeveelheid witte was buiten aan de lijn te hebben, zodat de
piloten duidelijk konden zien dat er burgers woonden.''
Ook vluchtelingen liepen risico's. Bertie Wemmers kreeg, op weg
naar een nieuw evacuatieadres in de Achterhoek, de schrik van
zijn leven. ,,Na aankomst in Eibergen had mijn moeder haar
tasje bovenop de wagen laten liggen. Ik zei: ik pak het wel, en
net had ik het te pakken of daar kwam met een moordgang een
jager naar beneden die begon te schieten. Een paar wagens verder werd een paard geraakt.''
Etter, bloed, tranen en zweten
Arend Burgers vertrok na drie maanden uit Dieren. ,,Het leven
met zoveel mensen bij elkaar geeft weleens onenigheid'',
verklaarde hij in een brief. ,,Om te voorkomen dat dat uitloopt
op ruzie zijn we nu in Zutphen bij tante Saar.'' De tocht
daarheen was niet gemakkelijk. ,,Ik moest lopen met de kar. Dat
zou niet zo'n probleem zijn, maar het kreng reed niet gemakkelijk. In Brummen vroeg ik een garage om vet om de assen te smeren, maar dat hadden ze niet. Ze konden me alleen helpen aan een beetje olie en dat verlichtte het werk wel wat, want het
was etter, bloed, tranen en zweten geblazen. En onderweg
overleefde ik ook nog een beschieting van de RAF. Het leukste
was nog de aankomst in Zutphen. Aan de andere kant van de
IJssel zaten de Moffen met hun afweergeschut. Begonnen die
idioten toch te schieten! Je schrok je wezenloos. Ik niet
alleen. Er kwam een man aanfietsen met een groot kleed in de
hand. Die schrok zo verschikkelijk, dat hij dat kleed liet
vallen. Gevolg: gerinkel. En toen zei die kerel tegen me:
'Verdomme, heb ik dertig kilometer gefietst om die troep op te
halen en nou ben ik bijna thuis en ligt het hele spul in de
poeier'. Zijn vrouw zal er wel niet blij mee zijn geweest.''
Beschietingen
Een aangeschoten bommenwerper scheert over huizen in Arnhem (Tekening Leo Brameijer) >
Ook vluchtelingen liepen risico's. Bertie Wemmers kreeg, op weg naar een nieuw evacuatieadres in de Achterhoek, de schrik van zijn leven. ,,Na aankomst in Eibergen had mijn moeder haar tasje bovenop de wagen laten liggen. Ik zei: ik pak het wel, en net had ik het te pakken of daar kwam met een moordgang een jager naar beneden die begon te schieten. Een paar wagens verder werd een paard geraakt.''
Etter, bloed, tranen en zweten
Arend Burgers vertrok na drie maanden uit Dieren. ,,Het leven
met zoveel mensen bij elkaar geeft weleens onenigheid'',
verklaarde hij in een brief. ,,Om te voorkomen dat dat uitloopt
op ruzie zijn we nu in Zutphen bij tante Saar.'' De tocht
daarheen was niet gemakkelijk. ,,Ik moest lopen met de kar. Dat
zou niet zo'n probleem zijn, maar het kreng reed niet gemakkelijk. In Brummen vroeg ik een garage om vet om de assen te smeren, maar dat hadden ze niet. Ze konden me alleen helpen aan een beetje olie en dat verlichtte het werk wel wat, want het
was etter, bloed, tranen en zweten geblazen. En onderweg
overleefde ik ook nog een beschieting van de RAF. Het leukste
was nog de aankomst in Zutphen. Aan de andere kant van de
IJssel zaten de Moffen met hun afweergeschut. Begonnen die
idioten toch te schieten! Je schrok je wezenloos. Ik niet
alleen. Er kwam een man aanfietsen met een groot kleed in de
hand. Die schrok zo verschikkelijk, dat hij dat kleed liet
vallen. Gevolg: gerinkel. En toen zei die kerel tegen me:
'Verdomme, heb ik dertig kilometer gefietst om die troep op te
halen en nou ben ik bijna thuis en ligt het hele spul in de
poeier'. Zijn vrouw zal er wel niet blij mee zijn geweest.''
Beschietingen
Een aangeschoten bommenwerper scheert over huizen in Arnhem (Tekening Leo Brameijer) >
,,In Beekbergen gierden af en toe een paar Spitfires over'',
vertelt Ger Ruuls. ,,Eenmaal kwam er een vanaf de spoorlijn en
liet zijn bom te laat vallen. Die kwam recht op ons af. Mijn
broer drukte me tegen de grond en we werden nagenoeg bedolven
onder de opvliegende modder. Dertig meter voor ons lag een
groot gat, dat langzaam vol water liep. Ook liet een keer een
Spitfire zijn vleugeltank vallen. Velen renden er met emmers
heen en vingen de benzine op. Enkele dagen later werd gedorst
met een machine die liep op vliegtuigbenzine.'' Maar ook later,
in het verder rustige Stadskanaal, maakte hij herhaaldelijk
beschietingen mee. ,,De Spitfires hadden het gemunt op de
lokomotieven die achter de lange tuinen reden. Ze kwamen dan
eerst een keer over om iedereen gelegenheid te geven een
schuilplaats te zoeken en dan begon de hel. Er volgde een geweldig lawaai van overscherende toestellen en boordmitrailleurs. Ze kwamen twee tot drie keer terug en vlogen dan nog een
keer over om het resultaat te bezien. Daar stond dan een uit
vele gaten stomende lokomotief die het verder wel kon vergeten.
In de tuinen was de aarde omwoeld van de kogels. Het wasgoed
dat op de bleek in de zon lag te drogen was doorzeefd.''
Maria Kooijman-Anneveld woonde in Hall, bij een handelaar in
bouwmaterialen. ,,We hebben het er goed gehad. We kwamen met
z'n tweeen en gingen met z'n drieen terug, want daar werd ons
dochtertje Sonja geboren. Maar het was allerminst een leuke
tijd door de razzia's. In de wei voor het huis is nog een grote
geallieerde bommenwerper geland; de Duitsers haalden het hele
bedrijf overhoop op zoek naar de bemanning en later hebben ze
dat vliegtuig opgeblazen. En aan het eind van de oorlog kregen
we inkwartiering van terugtrekkende Duitsers, zo'n twintig man
met paarden. De kreupele lieten ze achter en bij de buren
gingen ze nieuwe vorderen.''
Door het oog van de naald
In maart 1945 ontsnapte Jurriën Güth, die in oktober 1944 in
Putten al door het oog van de naald kroop, opnieuw als door een
wonder aan de dood. ,,Ik fietste op een bospad in Ugchelen,
toen plotseling voor en achter mij SS'ers stonden, het geweer
in de aanslag. Ze vroegen om mijn ausweis. Ik liet ze een
kaartje zien van de AKU. Dat was op zich een lachertje, maar ze
gingen met elkaar in overleg en even later mocht ik
durchfahren. Kort daarna hoorde ik dat bij de
Woeste Hoeve 117
mensen waren geëxecuteerd.'' Het was wraak voor de
aanslag op
politiechef Rauter in de nacht van 6 op 7 maart 1945. In totaal
werden als represaille 263 mensen om het leven gebracht.
Oproep tot de spoorstaking in Het Parool van 22 september 1944 >
Annie Memelink woonde bij Colmschate, in een spoorweghuisje aan
de lijn Deventer-Zutphen. Toen de Slag om Arnhem begon riep de
regering in Londen het spoorwegpersoneel op in staking te gaan
en daarom moesten ze het huisje verlaten. Haar vader dook
onder; de rest van het gezin werd ondergebracht bij twee
families Kloosterboer. ,,Ik woonde bij een echtpaar met een
dochtertje, Henny, en een opoe. We waren nog niet weg of
Landwachters begonnen ons huis leeg te halen. Twee katten waren
echter thuisgebleven en toen ik die met Henny ging voeren
hoorde ik plotseling de Landwacht om het huis lopen. 'Je weet
niet waar m'n vader is', beet ik Henny toe. Toen kwamen ze
binnen, vijf man sterk. Ik stond aan de grond genageld, de fles
melk nog in de hand, het brood had ik net in het bakje
gekruimeld; de twee katten schurkten zich tegen m'n benen. 'Wat
doen jullie hier? Waar zijn de bewoners?'. Ik leek klein voor
m'n leeftijd; elf à twaalf jaar, en ik zei: 'Dat weet ik niet,
maar ze hebben ons gevraagd om de katten te voeren en daar ben
ik mee bezig'. 'Nou, dan komen we nog wel eens terug'. Toen ik
thuiskwam viel ik, huilend van de doorstane emoties en angst,
in de schoot van Jet, de moeder van Henny. Want het was een
heel angstige tijd. Een paar dagen eerder was een collega van
vader in Deventer door een Landwachter doodgeschoten. En elke
dag kwamen die mannen melk halen op de boerderij. Ze hebben ook
nog een nachtelijke razzia gehouden; m'n vader stond toen de
halve nacht tussen de struiken, met alleen z'n onderbroek aan,
midden in de winter. Later kwamen ze ook nog loopgraven maken
bij de boerderij; er waren toen elke dag weer een paar kippen
minder en een van hen werd betrapt toen hij met een mestvork
spek uit de pekelton probeerde te halen. Eind maart 1945 kregen
de Duitsers vader toch nog te pakken. Hij werd naar Markelo
afgevoerd om te graven, maar m'n moeder ging hem halen. Ze kwam
de volgende dag weer samen met hem terug, maar waar moest hij
naar toe?. Jet zei toen: 'Dan blif Memelink ok ma hier, in
disse tied heurd man en vrouwe bie mekaar'. Maar de volgende
dag kwamen de Duitsers de boerderij vorderen en moesten we met
z'n allen weg. Alle koeien, de kalfjes en de varkens werden in
de wei gezet; alleen de grote stier bleef in de stal. De
Duitsers, overwegend oudere soldaten, beloofden er goed voor te
zorgen.''
Naar hoofdstuk 16. Op de vlucht voor de honger
Terug naar Inhoud
Aangepast zoeken
Arnhem Spookstad | Rees: De verzwegen deportatie | Kriegsgefangenenpost | Het drama van de SS Pavon
Artikelen en features | Krapulistische oprispingen | 100 jaar Apeldoornse Courant
Webcams: World Webcam Monitor > Unprotected webcams > Cruiseship cams > List of webcams and more
Media: Press > TV > Radio & video > Twitter and more
World: Atlas | Natural events | Weather > Climate change | Disasters > Earth's End
Various: Dutch Courage's Boeken | Guitar at Charles Bridge | Contact