Arnhem Spookstad - Evacuatie na de Slag, 1944-'45


ARNHEM SPOOKSTAD


Hoofdstuk 12

Een bombardement op Loenen

Leidscheplein < 'Als op het Leidscheplein de lichtjes weer eens branden gaan' was in de oorlog, toen de nachten pikkedonker waren vanwege de verduistering, een populair liedje.

,,De hele week van de Slag om Arnhem sliepen we op matrassen in de voor- en achterkamer; mama, haar zus Jos, acht kinderen en een onderduiker. Boven was te gevaarlijk en bij elkaar was je minder bang. Papa was enkele maanden eerder aan maagkanker overleden. Hij heeft de bevrijding niet mee mogen maken. Hij zong zo graag het liedje 'Als op het Leidseplein de lichtjes weer eens branden gaan'. Ik kan nog het Leidseplein niet oversteken zonder tranen in m'n ogen te krijgen.''
Elly Velthuis was zestien jaar, toen het bevel kwam dat alle Arnhemmers hun stad moesten verlaten. ,,We waren vrij te gaan waarheen, maar we moesten wel gaan. Niet te ver weg natuurlijk, want we waren immers zo weer terug? We hadden goede overburen. Met Gerard Daniëls liep ik elke dag samen naar de HBS; we zaten in dezelfde klas. 'Ga met ons mee', zeiden zijn ouders, 'wij hebben familie in Loenen die een hotel beheren'. Na rijp beraad besloten we het te doen. Zoveel mogelijk werd er gepakt, en wel zodanig dat wij alles, geknoopt in lakens, aan het stuur van onze gammele fietsen konden hangen. Er viel die maandagmorgen een lichte motregen. De stemming was goed, de hele Apeldoornseweg was vol evacuees. Eindelijk verlost van het schieten en de spanning van de hele week daarvoor. Iedere morgen voorzichtig de gordijnen openen: zijn we bevrijd? Nee, alweer liepen daar Duitsers; het duurde zo lang. Er werd helemaal niet gemopperd. Zelfs mijn zusje Miekje van vier liep het hele eind; haar wandelwagentje zat propvol. Ze was zo vrolijk.''

'Wij waren jong, de ouderen hadden meer zorgen'

Hotel Boschoord, het stationskoffiehuis van Loenen (Gelderland Bibliotheek) >

Elly Velthuis heeft uitstekende herinneringen aan haar eerste evacuatieweken. In Loenen werden de twee gezinnen hartelijk ontvangen door de familie Berends van hotel Boschoord, tevens stationskoffiehuis aan de spoorlijn Dieren-Apeldoorn. Ook een ander kinderrijk gezin, de familie Macrander, met tien kinderen, vond er onderdak, zodat de jongelui steun bij elkaar konden zoeken. ,,We beleefden er vrolijke weken; we waren jong, de ouderen hadden meer zorgen. Mevrouw Daniëls vooral was erg bang en ongerust, wanneer wij vanuit Loenen probeerden naar Arnhem te gaan om het een en ander op te halen. Enkele keren is het gelukt. We waren met zoveel jongelui, de jongens en meisjes Macrander en Hermsen, wat hadden wij een plezier. Tijdens een van die tochten ben ik door de fiets van mijn broertje Jan gezakt; er zaten geen banden om en ik reed op de ijzeren velgen. Hup, ik achterop bij Theo Macrander, gierend van de pret. Iedereen probeerde bij zijn huis te komen en we spraken een bepaalde tijd af bij de begraafplaats Moscowa. Iedereen was op tijd aanwezig, alleen ik had geen fiets. Een kar werd aangehouden en ik mocht mee tot de Woeste Hoeve; de anderen gooiden gauw al hun bagage er bij in. Onderweg zag ik niks en toen ik er uit werd gezet met alle spullen was het al schemerig. Ik zie me er nog staan, niet wetende of zij al voorbij waren gekomen.Het enige wat ik kon doen was wachten. Bang was ik helemaal niet, zestien jaar, stel je voor. Ik hoorde fluiten en jawel, daar kwam Theo Macrander mij halen met een grote bakfiets. Met mij voorop fietste hij met de bakkerskar van zijn vader Loenen binnen.''

Naar Utrecht

De familie Frequin, goede kennissen uit de parochie, was naar Klarenbeek uitgeweken. Een zoon, Louis, de latere hoofdredacteur van De Gelderlander, zat in het huis van bewaring in Utrecht; hij was ter dood veroordeeld. Als gevolg van 'Dolle Dinsdag' was de executie niet uitgevoerd; men hoopte nu dat hij gauw zou worden vrijgelaten. ,,Toen moeder hoorde dat zijn zoon Ben naar Utrecht zou fietsen, om op bezoek bij zijn vader te gaan, vroeg zij hem haar familie daar gerust te stellen en te vertellen dat we in Loenen zaten. Veel later vertelde Ben dat hij onderweg nog door de Duitsers was opgepakt en op slinkse wijze ontsnapte. Samen met zijn jongste broer Adam die in Utrecht studeerde, mijn latere echtgenoot, bracht hij de boodschap over. Louis was inmiddels vrijgekomen en zou met Ben terug naar Klarenbeek fietsen; mijn oom Do vroeg of hij mee mocht. Het klinkt onnozel, maar het was levensgevaarlijk voor drie jonge mannen. Maar tot onze grote verbazing stond opeens oom Do daar in Loenen; tranen van vreugde. Mama zei dat wij het prima hadden, maar hij vond het niks en wilde dat wij met z'n allen naar Utrecht kwamen. Thuisgekomen vroeg hij zijn vriend De Jong, directeur van Douwe Egberts, om raad, en die beloofde dat een van zijn chauffeurs, die 's nachts met een trailer naar de Achterhoek ging om werknemers weg te brengen, ons op zou halen. Via via hoorden we dat we op een bepaalde nacht om drie uur klaar moesten staan.''

We wilden liever blijven

Die avond werd afscheid genomen van de anderen. ,,Beteuterd; eigenlijk wilden we liever blijven'', aldus Elly Velthuis. Maar toen de trailer arriveerde, precies op tijd, schrok de chauffeur van de bagage. 'Mevrouw, ik zit half vol; ik kan of u met de kinderen of uw bagage meenemen'. 'Het spijt me', had haar moeder resoluut gezegd. 'Dit is alles wat ik op de hele wereld heb en dat laat ik voor geen goud in de steek'.
,,De trailer ging weg zonder ons en wij doken opgelucht ons bed in. Maar de volgende dag, volstrekt onverwacht, stond opnieuw een trailer voor de deur; ditmaal helemaal leeg. Bij aankomst in Utrecht had De Jong aan de chauffeur gevraagd waar de familie was, en na zijn uitleg had hij de trailer meteen weer teruggestuurd; een gevaarlijke onderneming overdag. Totaal overdonderd pakten we onze spullen in en gingen mee. Broer Jan was met Ben Hendriks de boer op; hij is ons later op de fiets achterna gekomen.''

Een verschrikkelijk bericht

Enkele weken later volgde een verschrikkelijk bericht uit Loenen. ,,Op Boschoord was een bom gevallen. Verslagen hoorden we het bericht aan. De familie Daniëls allemaal dood; man, vrouw en vier kinderen, waaronder Gerard, mijn vaste schoolkameraad, een beginnende verliefdheid van weerskanten. Zeven van de tien kinderen Macrander. Het gezin Hermsen; een echtpaar met twee dochters. De beide echtgenoten van Mies Wissing en Marie Gabriël, de dochters van de eigenaresse van Boschoord, allebei in verwachting en plotseling geen man meer; zoontje Harry van Mies, uit het raam geslingerd en dood in de tuin teruggevonden; een echtpaar Put van de Boterweg, dat voor de bommenwerpers het gebouw was binnengevlucht. Zomaar, in de vroege middag van zondag 10 december 1944.''
De verbijstering in Loenen was algemeen. De drie bommen, waarvan er een in een weiland terechtkwam, werden afgeworpen door Britse bommenwerpers. Maar het stationskoffiehuis was op geen enkele manier een strategisch object. Al spoedig doken geruchten op dat het stationsrestaurant van Lochem het werkelijke doelwit was. Dat was een munitieopslagplaats; Loenen en Lochem schelen maar een paar letters.

'Een kippige navigator'

Boschoord Tengevolge van een geallieerden bomaanval op zeker punt in onze gemeente (...) werden 35 dooden onder het puin tevoorschijn gehaald, 28 van hen waren geëvacueerden (Nieuwe Apeldoornsche Courant, 14 december 1944) >

De Arnhemse journalist Bert Kerkhoffs verloor bij het bombardement zijn jeugdliefde Gonnie Hermsen. 'Een kippige Engelse navigator verwisselt de plaatsnamen en doodt in een klap 35 onschuldigen', schreef hij bitter in 'Slag van de Tegenslag'; een boek dat aan de fouten in de Slag om Arnhem was gewijd. Maar volgens Huub van Sabben van de Stichting voor Historisch Onderzoek in Deventer waren zij het slachtoffer van een ordinaire misworp, van bommen die een fractie te vroeg of te laat afgeworpen werden. ,,In het Public Record Office in Londen is de aanval op Loenen terug te vinden; om privacy-redenen geef ik geen squadronnummers en namen van de vliegers. Te lezen valt hoe zes Spitfires, met bommen bewapend, omstreeks 13.25 uur startten voor een aanval op de spoorlijn Apeldoorn-Zutphen; spoorlijnen werden bijna rond de klok gebombardeerd om de aanvoer van Duits materieel naar de fronten onmogelijk te maken. Aangezien het weer niet ideaal was - een veel te lage bewolking - besloot de vluchtcommandant omstreeks 14.00 uur het spoor Apeldoorn-Dieren te bombarderen. Het squadronlogboek vermeldt dat de spoorlijn geraakt werd, maar ook... een gebouw, met kaartcoordinaat E.855910. Dat blijkt een punt aan de spoorlijn ten noorden van Eerbeek te zijn - het stationskoffiehuis van Loenen?''
,,Op de rooms-katholieke begraafplaats van Loenen is een gedenkteken voor de slachtoffers opgericht'', vertelt Elly Velthuis. ,,Toen ik daar onlangs een bezoek bracht vroeg ik me af: komt er ooit weleens iemand voor jullie op dit kerkhof?'' Dat was op 10 december 1994, precies vijftig jaar na de ramp, wel degelijk het geval. De publicatie van haar brief met dit verhaal in de bijlage van o.a. de Arnhemse Courant ter gelegenheid van de vijftigste verjaardag van de Slag om Arnhem, had een stroom van reacties tot gevolg. Talrijke evacuees woonden er een kranslegging bij, die werd gevolgd door een requiem-mis in de kerk. Wim Wissing, die zijn vader en broertje verloor, maar zelf levend en ongedeerd in het puin van Boschoord was teruggevonden, bewees de slachtoffers eer door hun namen voor te lezen.


Naar hoofdstuk 13. Arnhem werd een spookstad

Terug naar Inhoud

Aangepast zoeken

ANDRÉ HORLINGS OP INTERNET:
Arnhem Spookstad | Rees: De verzwegen deportatie | Kriegsgefangenenpost | Het drama van de SS Pavon
Artikelen en features | Krapulistische oprispingen | 100 jaar Apeldoornse Courant
Webcams: World Webcam Monitor > Unprotected webcams > Cruiseship cams > List of webcams and more
Media: Press > TV > Radio & video > Twitter and more
World: Atlas | Natural events | Weather > Climate change | Disasters > Earth's End
Various: Dutch Courage's Boeken | Guitar at Charles Bridge | Contact


© André Horlings
Make a Free Website with Yola.